Tekorten aan landbouwarbeiders in de V.S.
Auteur: Lesley Sykes, manager Duurzame Landbouw
Het afnemende aanbod aan landarbeiders vormt een van de grootste bedreigingen voor de sector verse groenten en fruit in ons land, een sector die voor de oogst en verpakking van kwetsbare groenten en fruit grotendeels afhankelijk is van arbeidskrachten. Volgens een rapport uit 2015 van het Partnership for a New American Economy was er vorig jaar naar schatting 3,1 miljard dollar aan landbouwinkomsten verloren gegaan als gevolg van een tekort aan arbeidskrachten.
Eerder deze maand bracht ik drie dagen door in Washington D.C. voor de United Fresh Washington Conference, waar dit probleem een veelbesproken onderwerp was. De bezorgdheid van de sector was duidelijk: nu een zo groot deel van de landbouwarbeidskrachten bestaat uit werknemers zonder papieren, er hard wordt opgetreden tegen illegale immigratie, er minder migranten uit Mexico naar de VS komen, er een politieke impasse heerst over immigratiehervorming en het pad naar burgerschap, en er slechts één legaal gastarbeidersprogramma bestaat, hebben de landbouwproducenten van ons land nog maar weinig opties over. Dit legt extra druk op producenten die elk seizoen afhankelijk zijn van een stabiel personeelsbestand om hun producten in dozen te verpakken en in de schappen van de supermarkten te krijgen.

Bovendien kan deze situatie in sommige gevallen de vooruitgang op het gebied van verantwoorde arbeidspraktijken bemoeilijken. Zo kan een toegenomen afhankelijkheid van uitzendbureaus voor landarbeiders (FLC’s) om aan voldoende landarbeiders te komen, leiden tot een gebrek aan verantwoordingsplicht. (Ik heb in Washington D.C. vernomen dat naar schatting 50 procent van de landarbeiders in Californië in dienst is bij een FLC). Bovendien hebben werknemers zonder de juiste papieren minder mogelijkheden om schendingen van hun arbeidsrechten aan te kaarten. En de krapte op de arbeidsmarkt betekent een grotere afhankelijkheid van de beschikbare landarbeiders, wat resulteert in een verhoogd risico dat werknemers worden blootgesteld aan onredelijke werktijden.
Aan de andere kant heeft de toegenomen concurrentie er in sommige gevallen toe geleid dat de aanpak bij het werven van werknemers is veranderd. Zoals in dit artikel in The Wall Street Journal wordt gemeld, vertellen boerderijen over hun inspanningen om werknemers aan te trekken door de lonen te verhogen en extra secundaire arbeidsvoorwaarden aan te bieden (en werknemers geven aan dat ze van boerderij naar boerderij gaan, op zoek naar een hoger loon bij nabijgelegen boerderijen). Voorstanders van het onlangs aangenomen Californische wetsvoorstel, dat landarbeiders het recht geeft op overwerkvergoeding na 40 uur per week, zijn er juist van overtuigd dat hogere lonen de motivatie van nieuwe mensen om in de landbouwsector te gaan werken zullen vergroten.
Op dit moment schreeuwen boerderijen om arbeidskrachten tijdens hun piekseizoenen. Het enige legale gastarbeidersprogramma van ons land, H2-A, is de afgelopen zes jaar bijna verdrievoudigd. Toch vormen de naar schatting 150.000 deelnemers aan dat programma slechts een fractie van de 2,1 miljoen landarbeiders in het hele land, zoals ik ontdekte tijdens de voorbereidingen voor de jaarlijkse mars van United Fresh naar Capitol Hill. Het Amerikaanse Ministerie van Arbeid kan de huidige pieken in het aantal aanvragen of de toekomstige groei van het programma niet aan zonder een aanzienlijke uitbreiding van de middelen om de vereisten van het programma te beheren en te handhaven.

H2-A is een nuttige optie voor landbouwbedrijven die bereid zijn om tot het uiterste te gaan om het programma te laten slagen. Door onze certificeringservaring bij SCS hebben we het programma in de praktijk gezien. Om deel te nemen moeten het personeelsbeleid, de beloning voor het werk, de door de werkgever verstrekte huisvesting en de administratie aan specifieke criteria voldoen. Producenten moeten ook het vervoer betalen van het land van herkomst van de werknemers naar de werkplek. Daarnaast moeten producenten kunnen aantonen dat ze geen binnenlandse werknemers kunnen vinden voordat ze tijdelijke gastarbeiders aannemen.
Certificering door een onafhankelijke instantie speelt een belangrijke rol bij het uitdragen van de inspanningen van producenten om verantwoorde arbeidspraktijken in te voeren. Het ‘Sustainably Grown ’-certificeringsprogramma van SCS richt zich bijvoorbeeld op de milieu-, arbeids- en economische aspecten van duurzaamheid. Via het auditproces valideert SCS best practices met betrekking tot lonen en secundaire arbeidsvoorwaarden, werktijden, opleiding, huisvestingsomstandigheden, gezondheid en veiligheid op het werk en paraatheid bij noodsituaties. Certificering biedt geen directe oplossing voor de dringende noodzaak van immigratiehervorming of het gebrek aan beschikbare middelen voor het gastarbeidersprogramma van ons land, maar het kan producenten helpen hiaten te identificeren, hun beleid en praktijken te verbeteren en een onafhankelijk geverifieerde claim te doen over de ethische arbeidsomstandigheden op hun boerderijen.
Voor vragen of opmerkingen: neem vandaag nog contact met ons op.
Lesley Sykes is manager van de certificeringsprogramma’s „Sustainably Grown“ en „Veriflora®“ SCS Global Services. Voordat ze bij SCS in dienst trad, verleende ze adviesdiensten op het gebied van marktonderzoek en bedrijfsontwikkeling aan landbouwbedrijven in Arizona en Midden-Amerika, en werkte ze voor de in Boston gevestigde non-profitorganisatie Red Tomato, waar ze de strategische ontwikkeling van initiatieven voor verantwoorde inkoop van verse producten ondersteunde. Lesley heeft een masterdiploma in landbouw- en milieuwetenschappen en -beleid van Tufts University.